Livre
Néerlandais

Hotelmens : reportages en brieven

Joseph Roth (auteur), Els Snick (traducteur), Peter Van Hugten (dessinateur)
Titre
Hotelmens : reportages en brieven / Joseph Roth ; Samenst. en vert. door Els Snick, tek. door Peter van Hugten
Auteur
Joseph Roth
Traducteur
Els Snick
Dessinateur
Peter Van Hugten
Langue
Néerlandais
Langue originale
Allemand
Édition
1
Éditeur
Amsterdam: Lubberhuizen, 2014
124 p. : ill.
ISBN
9789059373693 (paperback)

Commentaires

Joseph Roth, schrijver op de vlucht

Een tragische zwerfkat en drankorgel met een indrukwekkend oeuvre waarin de werdegang van het oude Europa doorzindert. De Oostenrijkse schrijver Joseph Roth mag zich - 75 jaar na zijn dood - verheugen in hernieuwde belangstelling. Drie tranches de vie van een eeuwige literaire emigrant.

De dronkaard

Een beduimeld, enigszins schonkig mannetje, met het haar klissig tegen de schedel geplakt. Onfris, borstelig snorretje. Uitpuilende ogen. En een fel gezwollen gezicht, stijf van de drank. Archetypische beelden van de Oostenrijkse journalist en exilschrijver Joseph Roth (1894-1939). Desondanks wekken ze een unheimische sympathie op voor deze ongrijpbare zwerfkat met zijn voorname manieren, verslaafd aan het transitbestaan in chique hotels. Zijn boeken schreef hij aan cafétafels over heel Europa, van Berlijn tot Wenen, Oostende, Amsterdam en Parijs. "Hij dronk in alle getijden uit dorst naar een eeuwige zomer", zo dichtte zijn Nederlandse vriend Anton van Duinkerken ooit.

Alcohol werd Roths ondergang. Toch had Roth aanvankelijk het curieuze talent om nauwelijks dronken te worden, hoeveel glazen hij ook verzette. Zijn observatievermogen bleef even scherp, zijn fabelachtige productie liep erdoor gesmeerd. "Wie in Roths buurt dronken werd, kreeg van hem alleen …Lire la suite

De lobby van het leven

De Joods-Oostenrijkse schrijver Joseph Roth (1894-1939) was een nomade; hij noemde zichzelf een 'hotelburger'. 'Sinds mijn achttiende heb ik nooit in een huis gewoond. Ik logeerde hooguit een keer een week bij vrienden. Alles wat ik heb zit in drie koffers', schreef hij in 1929 aan collega en beschermengel Stefan ...

De Joods-Oostenrijkse schrijver Joseph Roth (1894-1939) was een nomade; hij noemde zichzelf een 'hotelburger'. 'Sinds mijn achttiende heb ik nooit in een huis gewoond. Ik logeerde hooguit een keer een week bij vrienden. Alles wat ik heb zit in drie koffers', schreef hij in 1929 aan collega en beschermengel Stefan Zweig. In zijn romans, brieven en krantenstukken wemelt het van de verwijzingen naar het hotelleven.

Vertaalster Els Snick, die vorig jaar verraste met een boekje over Roths wedervaren als vluchteling voor de nazi's in Nederland en België, maakte voor dit Rothjaar 2014 een selectie van vooral niet eerder vertaalde krantenteksten waarin de schrijver van 'Radetzkymars' het leven op hotel evoceert. Het werd een kleine bloemlezing met centraal enkele memorabele bladzijden die de rest bijna overbodig maken.

Je ervaart meteen dat het hotel, naast het café, Roths favoriete biotoop is. In het eerste stuk voelt hij zich dankzij de nette vouw in zijn broek en zijn gepoet…Lire la suite

De lobby van het leven

De Joods-Oostenrijkse schrijver Joseph Roth (1894-1939) was een nomade; hij noemde zichzelf een 'hotelburger'. 'Sinds mijn achttiende heb ik nooit in een huis gewoond. Ik logeerde hooguit een keer een week bij vrienden. Alles wat ik heb zit in drie koffers', schreef hij in 1929 aan collega en beschermengel Stefan ...

De Joods-Oostenrijkse schrijver Joseph Roth (1894-1939) was een nomade; hij noemde zichzelf een 'hotelburger'. 'Sinds mijn achttiende heb ik nooit in een huis gewoond. Ik logeerde hooguit een keer een week bij vrienden. Alles wat ik heb zit in drie koffers', schreef hij in 1929 aan collega en beschermengel Stefan Zweig. In zijn romans, brieven en krantenstukken wemelt het van de verwijzingen naar het hotelleven.

Vertaalster Els Snick, die vorig jaar verraste met een boekje over Roths wedervaren als vluchteling voor de nazi's in Nederland en België, maakte voor dit Rothjaar 2014 een selectie van vooral niet eerder vertaalde krantenteksten waarin de schrijver van 'Radetzkymars' het leven op hotel evoceert. Het werd een kleine bloemlezing met centraal enkele memorabele bladzijden die de rest bijna overbodig maken.

Je ervaart meteen dat het hotel, naast het café, Roths favoriete biotoop is. In het eerste stuk voelt hij zich dankzij de nette vouw in zijn broek en zijn gepoet…Lire la suite

Bundel reportages en brieven van de Oostenrijkse auteur Joseph Roth (1894-1939) die zijn leven grotendeels schrijvend (en drinkend) in hotels doorbracht. De feuilletonachtige stukken geven op virtuoze wijze het karakter van het hotelpersoneel weer en biedt en passant een heldere kijk op het politieke klimaat van de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. De brieven, grotendeels aan collega-auteur Stefan Zweig, geven een indruk van de financiële zorgen die Roth vooral in de jaren dertig kende. Een sympathiek uitgaafje, al is onduidelijk waarom niet voor meer van de veel boeiender reportages is gekozen. Een groot deel van het werk van Roth (schrijver van de monumentale roman 'Radetzkymarsch') wordt de laatste tijd opnieuw in Nederlandse vertaling uitgegeven.

À propos de Joseph Roth

Moses Joseph Roth (2 septembre 1894, Brody, Galicie - 27 mai 1939, Paris) est un écrivain et journaliste autrichien, né en Galicie, aux confins de l'Empire autrichien (aujourd'hui en Ukraine), sous le règne de François-Joseph, dans une famille juive de langue allemande.

Âgé de 20 ans au début du premier conflit mondial, il participe à l'effort de guerre dans des unités non combattantes tel le service de presse des armées impériales. Il devient ensuite journaliste à Vienne et à Berlin, puis publie ses premiers textes à la chute de l'Empire austro-hongrois en 1918, notamment Hôtel Savoy (Hotel Savoy. Ein Roman, 1924), Job, roman d'un homme simple (Hiob, Roman eines einfachen Mannes, 1930) et La Crypte des capucins (Die Kapuzinergruft, 1938). …En lire plus sur Wikipedia

Suggestions